Omgekeerde appeltaart van de kamado
Omgekeerde appeltaart van de kamado
Deze appeltaart van de kamado lijkt op een klassieke tarte tatin: de appels, suiker en amandelen liggen onder in de vorm en worden afgedekt met bladerdeeg. Na het bakken draai je de taart om, waardoor de gekaramelliseerde appels bovenop komen te liggen. Een kleine hoeveelheid rookhout geeft de taart een subtiel barbecuearoma. Gebruik beslist niet te veel. Appels en bladerdeeg nemen rook gemakkelijk op en een zware rooksmaak past niet bij dit dessert.
Aantal personen: 6–8
Voorbereiding: circa 25 minuten
Bereiding: 35–45 minuten
Temperatuur kamado: 180 °C
Ingrediënten
- 5 goudrenetten of Schone van Boskoop-appels
- 1 rol koelvers bladerdeeg
- 150 gram donkerbruine basterdsuiker
- 75 gram amandelschaafsel
- 50 gram roomboter
- 1 theelepel kaneel
- 1 theelepel vanille-extract
- 1 eetlepel donkere rum of enkele druppels rumaroma, optioneel
- Een klein snufje zout
- Eventueel vanillesaus of vanille-ijs voor het serveren
Benodigdheden
- Kamado met deksel
- Gesloten taartvorm of gietijzeren pan van circa 24–26 cm
- Kleine hoeveelheid olijfhoutchips
- Scherp keukenmes
- Snijplank
- Appelboor
- Hittebestendige handschoenen
- Groot bord of taartschaal
Gebruik geen springvorm of taartvorm met een losse, slecht afsluitende bodem. Tijdens het bakken ontstaat hete karamel, die uit de vorm kan lekken.
De kamado voorbereiden
Bereid de kamado voor op indirecte hitte en verwarm hem tot 180 °C. Plaats het hitteschild en het rooster voordat je de temperatuur definitief instelt, zodat de complete opstelling rustig kan voorverwarmen. Gebruik slechts een kleine hoeveelheid rookhout. Olijfhout geeft een kruidig rookaroma en moet bij een zoet gerecht daarom spaarzaam worden toegepast.
De taartvorm voorbereiden
Vet de bodem en zijkanten van de taartvorm royaal in met de roomboter. Verdeel de bruine basterdsuiker gelijkmatig over de bodem. Strooi vervolgens het amandelschaafsel en een klein snufje zout over de suiker. Tijdens het bakken smelten de boter en suiker samen tot karamel. Het amandelschaafsel wordt daarin licht geroosterd.
Appels snijden en verdelen
Schil de appels, verwijder de klokhuizen en snijd iedere appel in acht ongeveer even grote parten. Meng de appelparten met de kaneel, het vanille-extract en eventueel de rum of het rumaroma. Zorg dat de smaakmakers gelijkmatig over de appels worden verdeeld. Leg de appelparten in een cirkel in de taartvorm. Laat de stukken elkaar iets overlappen en vul ook het midden van de vorm. Leg ze vrij dicht tegen elkaar, want tijdens het bakken verliezen de appels vocht en worden ze kleiner.
Bladerdeeg aanbrengen
Rol het bladerdeeg uit en leg het over de appels. Snijd overtollig deeg weg, maar houd rondom voldoende over om de randen voorzichtig tussen de appels en de taartvorm te stoppen. Druk het bladerdeeg licht aan zonder de appels te pletten. Prik met de punt van een mes of een vork enkele kleine gaatjes in het deeg. Hierdoor kan stoom ontsnappen en blijft het deeg gelijkmatiger liggen.
Appeltaart bakken en roken
Voeg een kleine hoeveelheid olijfhoutchips toe aan de gloeiende houtskool. Plaats de taartvorm direct daarna op het indirecte gedeelte van de kamado en sluit de deksel. Bak de taart ongeveer 35–45 minuten op 180 °C. Houd tijdens het laatste kwartier de kleur van het bladerdeeg in de gaten. De taart is klaar wanneer het bladerdeeg goudbruin en krokant is en langs de randen warme karamel zichtbaar borrelt. De exacte baktijd hangt af van de dikte van de appels, de taartvorm en de werkelijke temperatuur in de kamado.
De taart veilig omdraaien
Haal de taartvorm met hittebestendige handschoenen van de kamado en laat de taart 5–10 minuten staan. Laat hem niet volledig afkoelen in de vorm. De karamel wordt tijdens het afkoelen hard, waardoor de appels aan de bodem kunnen blijven vastzitten.
Leg een groot bord of een taartschaal omgekeerd op de taartvorm. Houd bord en vorm stevig tegen elkaar en draai ze in één gecontroleerde beweging om. Til de vorm voorzichtig op. Let goed op: de karamel en het vrijgekomen appelsap zijn zeer heet.
Blijven er enkele appelparten aan de bodem plakken? Maak ze voorzichtig los en leg ze terug op de taart.
Serveren
Bestrooi de warme appeltaart eventueel met een klein beetje extra kaneel. Serveer hem puur of met vanillesaus of een bolletje vanille-ijs. De taart is het lekkerst wanneer hij nog lauwwarm is. Dan is het bladerdeeg krokant en is de karamel nog zacht.
Tips voor het beste resultaat
- Gebruik stevige, fris-zure appels die tijdens het bakken niet direct uit elkaar vallen.
- Leg de appelparten dicht tegen elkaar; ze krimpen tijdens de bereiding.
- Gebruik een gesloten vorm om lekkende karamel te voorkomen.
- Voeg slechts een kleine hoeveelheid rookhout toe.
- Open de kamado tijdens het eerste halfuur zo weinig mogelijk.
- Draai de taart om terwijl de karamel nog warm en vloeibaar is.
- Gebruik altijd hittebestendige handschoenen bij het omkeren.













































































































































